Mieke van der Laan

In de rubriek 'hoofd en hart' stellen we, door middel van vaste vragen, bewoners, medewerkers, verwanten en vrijwilligers voor.

Naam: Mieke van der Laan
Leeftijd: 67
Functie: vrijwilliger
Locatie: Cosi en de Sjob
Aantal jaren in dienst: 3 jaar vrijwilliger, 29 jaar in dienst geweest 

Wat zijn je passies? 
Eigenlijk heel breed: creatief zijn, uitgaan, lunchen en mensen ontmoeten, musea bezoeken en naar het theater. Musea liefst met geschiedenis en vooral kostuumgeschiedenis. Van huis uit ben ik costumière of kostuumnaaister. Dat kwam goed van pas: vanaf 2000 maakte ik de kostuums voor de wintertocht.

Wat is je favoriete muziek? 
Ook dat is heel breed. Ik hou van rock en ballads (niet van hardrock), ik ben een meisje van de jaren ’70, dus alles met soul is goed. Ik ben de jongste van ons gezin en had 8 broers (dat is 9 vaders) en zij hadden platenspelers. Daardoor hou ik van muziek uit de jaren ’60, ’70 en ’80 en vooral van de Eagles. Ik ben mentor van een cliënt en samen gaan we één keer per jaar naar de Speeldoos om een Tributeband te zien, van de Eagles of onlangs Toto.  

Wat is het mooiste boek dat je gelezen hebt? 
Ik was vroeger een heel goeie lezer, vooral van thrillers die zich in het Verre Oosten afspelen van Eric Van Lustbader. Nu lees ik de roman De Nachtroos van Lucinda Riley. Een dikke pil maar anderhalve dag en dan is het uit. Ik hou van historische romans, kostuumgeschiedenis en dingen over het koninklijk huis. Vaak koop ik dat bij de kringloop. 

Wat is een gekke eigenschap van jezelf? 
Ik verander altijd alles. Vroeger kocht ik kleding en dan moest er altijd iets veranderd worden. Handwerk idem dito: als iets geruit is maak ik er bloemetjes van of ik verander de kleur. Ik wil graag iets eigens maken, ook met massa productie. Het geldt ook in m’n werk: cliënten hebben baat bij voorspelbaarheid, maar het moet ook niet té voorspelbaar worden. Je moet ze verrassen. Afwijken zorgt ook voor begrenzing. Ooit mochten we geen ‘nee’ zeggen, maar ik vind ‘nee’ een mooi woord. Met ‘compromis’ als plan twee. 

Hoe ziet jouw werkplek eruit? 
Nu als vrijwilliger bij Cozi kom en ga ik wanneer ik het leuk vind. Ik geef ook naaimachine cursussen voor de begeleiders. Ik kom gezellig een ochtendje of middag koffiedrinken en help de aanwezige collega’s met een thema. Op de Stroensels groep heb ik 25 jaar continu gewerkt. Dat maakt je een stabiele factor. Nu heb ik al zeven, acht nieuwe medewerkers gezien. Cliënten roepen dan mij. Er is veel verloop op de groepen en nieuwe mensen moeten wennen. Alles wat je weet van cliënten kan je niet opschrijven in een zorgplan. Hoe je het doet moet echt doorgegeven worden van persoon tot persoon. Na corona is dat moeilijker geworden. Veel mensen vertrokkenen we hadden elk jaar een nieuwe manager. 

Waar ben je trots op? 
Op alle jaren dat ik hier heb gewerkt, trots dat ik zoveel cliënten heb mogen leren kennen.  Bij autisten heb je de oppervlakte en hoe langer je ze kent, hoe dieper je relatie gaat. Dan blijkt het veel breder te zijn, dan ben je de oppervlakte voorbij. Ik ben trots op de wintertochten en eigenlijk op alles wat we georganiseerd hebben op de Stroensels: met kerst, pasen, pinksteren, altijd werd er iets georganiseerd. Er moest altijd iets gemaakt worden: een paashaaspak, Schotse kleding voor de highland games, inclusief sjaal en muts. 

Wat is het leukste onderdeel in je werk? 
Dat je de tijd mag nemen voor de cliënt en dat de cliënt centraal staat. Dat was altijd normaal. Natuurlijk had je ook veel ander werk liggen, ook achter de computer. Ik ben altijd bewust medewerker B gebleven, want de begeleider C of zorgcoördinator ging veel meer taken achter de computer doen. Ik zag dat niet zitten, ik wil naast mijn cliënt zitten. Collega’s zagen allerlei hippe en trendy creaties op internet. Ik was de vertaalster: hoe kan de cliënt dat maken? Hoe kan ik dit een cliënt laten doen? Je moet gaan trainen en een groef maken in hun manier van denken. Er zijn verschillende manieren van borduren. Je moet aansluiten bij de cliënt. Dat schrijf je niet op in een zorgplan. En zo hebben we van sommige producten duizenden exemplaren verkocht. Kom vooral langs bij Cozi, of bij de Sjob. Cliënten vinden het leuk en je kan gelijk zien wie de producten maakt. 

Hoe zouden anderen jou omschrijven? 
Betrouwbaar, betrokken en zorgzaam voor iedereen in mijn omgeving. En een fijne collega om mee te werken, hoor ik terug. Je besprak ‘s morgens wat je ging doen en je verdeelde de cliënten, maar daarna ging je ook je eigen gang. Ik denk altijd in mogelijkheden en ging bij ziektegevallen vaak invallen. Je deed het voor elkaar en voor de cliënten. Dat is ‘flexibel’ maar ik hou niet van het woord: gedwongen ‘flexibel’ zijn. Leg de nadruk op ‘meedenken’. Dan klinkt het meer alsof je erbij hoort.